Controleer met de bijgesloten sleutel of de moeren aangeschroefd zijn.
Controleer de uiteenzetting van de armen; de vork moet zich erover de snelsluiter of de moeren van de fiets laten trekken net als een veer – met 3 cm (hoogte van de Extrawheel moer), niet minder en ook niet meer.
Als het niet past, maak de blokkeringsschroeven wat losser, stel de armen goed in en schroef toe.
Losmaken – houd het touwtje bij de knoop en trek naar achteren in de richting van het aanhangwagentje
Straktrekken – met één hand, duuw het ingevlechtte in het net deel van de touw, in de richting van de gesp; tegelijk met de andere hand trek de touw aan de onderkant van de gesp.
Schuif de randen van de laag uit de haakvormig afgewerkte delen (weerstand moet overwonnen worden).
Wissel de wiel. In de Classic - aanhangwagentje wordt de wiel vastgemaakt met de moeren en niet met snelsluiter. Noodzakelijk is hiervoor een moersleutel van 15mm.
Pak de zware spullen laag in, aan de voorkant, aan de beide zijden van het aanhangwagentje.
Gebruik een signalisatievlaggetje.
Hou de lagers van de vork en de kogelvormige verbindingsstukken schoon, smeer ze met vet en bescherm ze tegen de stoten.
Bescherm de verbindingsstukken van de fiets door de hoezen overeen te trekken, maar alleen als het aanhangwagentje niet aangesloten is.
Bewaar de verbindingsstukken van het aanhangwagentje en sluit ze aan met de gemonteerde vork, zo bescherm je dezen.
Vervoer niet in het aanhangwagentje mensen of dieren. Lading van 30 kg kan de ritcomfor beperken, vooral in een moeilijke terrein. Overschrijd niet de snelheid van 40 km/h tijdens afrijding
Tijdens aanrijding koppelt zich de Extrawheel af van de fiets. Dat gebeurt ook in het geval van:
- overlading
- botsing (onder hoek <90°) tegen een hindernis zoals de stoeprand,
- niet buigen van de fiets in de binnenbocht tijdens achteruitrijding