Controleer met de bijgesloten sleutel of de moeren aangeschroefd zijn.
Controleer de uiteenzetting van de armen; de vork moet zich erover de snelsluiter of de moeren van de fiets laten trekken net als een veer – met 3 cm (hoogte van de Extrawheel moer), niet minder en ook niet meer.
Als het niet past, maak de blokkeringsschroeven wat losser, stel de armen goed in en schroef toe.
Hou de lagers van de vork en de kogelvormige verbindingsstukken schoon, smeer ze met vet en bescherm ze tegen de stoten.
Bescherm de verbindingsstukken van de fiets door middel van hoezen, bij afwezigheid van aanhangwagentjes.
Bewaar de verbindingsstukken van het aanhangwagentje en sluit ze aan met de gemonteerde vork, zo bescherm je dezen.
Overschrijd niet de snelheid van 40 km/h tijdens afrijding
Sleep niet het aanhangwagentje tijdens een harde wind.
Tijdens aanrijding koppelt zich de Extrawheel af van de fiets. Dat is het geval ook tijdens:
- botsing (onder hoek <90°) tegen een hindernis zoals de stoeprand
- niet buigen van de fiets in de binnenbocht tijdens achteruitrijding